Abonneren

Abonneer je nu voor nieuwe artikelen op deze website!

Menu
Zoeken op deze site

site search by freefind advanced

Verhalen en/of foto's over de Utrechtse Heuvelrug zijn welkom.... op dit mailadres

De foto’s op deze pagina zijn auteursrechtelijk beschermd. Niets op deze pagina's mag worden gebruikt of gepubliceerd zonder uitdrukkelijke schriftelijke toestemming van de auteur.
Copyright ©Gerrit Verwoert/utrechtseheuvelrug.punt.nl. All Rights Reserved.

Links
Weer


tellers
eXTReMe Tracker
Disclaimer
Cookies
Deze website maakt gebruik van Google AdSense om inkomsten te genereren uit advertenties van derden. Om gerichte advertenties te kunnen vertonen op de website, gebruikt Google AdSense cookies die al eerder via andere websites op jouw harde schijf zijn geplaatst.
Hoe Google gebruikmaakt van cookies in advertenties
Maarsbergen onder de proosdij
In 1134 was Maarsbergen in het bezit van een zekere ridder Fulco van Berne. In dat jaar schonk deze Fulco (door ongelukkige omstandigheden) al zijn bezittingen, waaronder ook behoorde "Merseberch cum omnibus" ofwel "Maarsbergen met alle gebruiksrechten" aan de Norbertijner Abdij van Berne (gelegen bij Heusden in Noord-Brabant).
Er werd een uithof of kloosterboerderij gebouwd op de plaats van het huidige kasteel Maarsbergen.
ridder fulco
Dit was een zogenaamde proosdij, waar de proost, een priester van de abdij, pastoraal werk verrichtte, bedrijfsleider was over het eigen landbouwbedrijf en rentmeester van de overige goederen, waaronder verpachte hoeven en landbouwgronden. De proosdij Maarsbergen was voor de Abdij van Berne in de eerste plaats een bron van inkomsten voor het levensonderhoud van haar bewoners. De invloed van de proosdij voor de agrarische ontwikkeling van Maarsbergen is groot geweest. Toen de Norbertijnen hun opwachting maakten in deze streek waren er maar enkele boerderijen. Het gebied bestond deels uit arme droge zandgronden op de Heuvelrug en drassige en natte gronden in de Vallei. De ontwatering was slecht, zodat nieuwe boerderijen alleen konden worden gesticht als het waterbeheer in overleg met naburige grondeigenaren sterk zou worden verbeterd. Hierin hebben de Norbertijnen een rol gespeeld, onder andere met de aanleg van de Heijgraaf, die werd gegraven vanuit het Zwarte Water (het gebied ter hoogte van het huidige landgoed Het Kombos en ten oosten daarvan) langs de voet van de Heuvelrug naar Woudenberg. Waarschijnlijk hebben de Norbertijnen in eerste instantie zelf geprobeerd het gebied verder te ontginnen, maar door gebrek aan menskracht werd de grond in pacht uitgegeven aan boeren. Het aantal pachthoeven is in de eerste eeuwen onder de proosdij snel gestegen. Maar al gauw konden er geen pachthoeven meer bij.
turfstekers
De overgebleven woeste grond in de mark Maarsbergen was nodig voor de bedrijfsvoering van de bestaande hoeven (plaggen steken, schapencultuur voor de mest) of was dusdanig slecht ontwaterd dat er geen landbouw kon plaatsvinden. Pas toen de Grift door de Maarsbergse Meent werd gegraven, in het midden van de zestiende eeuw, konden er enkele nieuwe boerderijen worden gebouwd in dat gebied. De Woudenbergse Grift was echter geen project van de Norbertijnen, maar werd aangelegd door de Antwerpse industrieel, Gilbert van Schoonebeke, ten behoeve van het turftransport uit de Gelderse Vallei, via de Eem naar de Zuiderzee.
De kaart van Justus van Broeckhuijsen met de 19 pachthoeven uit 1716. Deze geeft een goed beeld van het agrarisch grondgebruik in Maarsbergen, zoals dat al in de middeleeuwen was ontstaan en tot in de negentiende eeuw nauwelijks veranderde.
Omstreeks 1600 behoorden tot de abdijgoederen van Maarsbergen 19 pachthoeven. Deze staan vermeld op de kaart van Justus van Broeckhuijsen uit 1716. In het archief van de abdij is een aantal oude pachtovereenkomsten bewaard gebleven dat dateert uit de tijd rond 1550. Als regel kregen de pachters het land voor zes jaar in pacht. De grootte van de boerderijen was nogal verschillend. De pachtsommen varieerden tussen de 15 en 80 gulden per jaar. De pachters waren niet steeds stipt op tijd met het betalen van de pacht. In de 15e en 16e eeuw werden de Maarsbergse boeren regelmatig door onheil getroffen. Een aantal malen werden de boerderijen verbrand en verwoest door oorlogsgeweld of geplunderd door rondzwervende soldaten. Ook hadden ze regelmatig te lijden onder misoogsten. In sommige jaren hadden de boeren het zo slecht dat de proosdij aalmoezen moest uitdelen. Door de opkomende reformatie komt de invloed van de Abdij van Berne aan het einde van de 16e eeuw onder druk te staan. Het duurde nog tot 1648 voordat een definitief einde komt aan de proosdij en de invloed van de Norbertijnen in deze streek. In dat jaar, na het einde van de Tachtigjarige Oorlog, werden de proosdijbezittingen in beslag genomen door de Staten van Holland. bron

Reacties

cobie&bas op 07-10-2012 18:49
dit is haast hogere aardrijkskunde,maar heel knap om dit allemaal boven water te halen.
Commentaar
Jouw naam/bijnaam
Website url
E-mail
Dit is een verplicht veld
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl